|
||||||||||||||
'Zondagmiddag-vliegvisfilosofie'Tekst en fotografie: Jelle Westerhuis Eigenlijk wel een mooi woord voor Scrabble, zal een knap aantal punten opleveren… Zit, terwijl de KNMI waarschuwt voor extreem weer, wat vliegen te binden. Met windstoten tot 110 kilometer per uur zit ik binnen, warm achter de klem, prima dus. Heb niet de ambitie om naar buiten te gaan en te riskeren dat ik een snoekstreamer ergens op ongecontroleerde wijze in mijn lijf parkeer.
Het gebeurde al eens bij Ruud tijdens het zalmvissen; een verkeerd gelande dreg. Dit keer ging het maar nét goed. Heb zojuist een pretpakket aan Ostrich Orange Heads gebonden, of wat voor naam daar ook voor geschikt mag zijn, heb geen idee. Voor zover ik kan herleiden is het een Scandinavische vinding die oorspronkelijk bedoeld was voor het vissen op snoek in zuid-Zweedse kuststreken, echter later bleek deze in hetzelfde gebied ook geliefd te zijn bij zeeforel van biggenformaat. Het ‘ding’ is nogal onooglijk en je moet er maar mee willen vissen, of belangrijker, het vertrouwen erin hebben om er mee door te blijven vissen. Die doorlopende gedachte deed me de laptop openklappen om wat zinnen op digitaal papier te gooien.
Pretpakket. Vliegen bepalend? Het is grappig te bedenken hoeveel vliegen er in de afgelopen tig jaar zijn verzonnen en gebonden in allerlei variaties, kleuren, groottes en ga zo maar door. Grappig vanwege het feit dat ze kennelijk allen in mindere of meerdere mate toch kennelijk wel op de een of andere manier succes hebben gehad. Ik vind dat een vreemde constatering; dat moet toch automatisch impliceren dat het ook veel eenvoudiger kan? Begin er ook steeds meer aan te twijfelen of het niet meer te maken heeft met gedachtekronkels waarmee we onszelf ‘gek’ maken, terwijl de vis haast in een stuip van het lachen moet liggen hoe we de meest idiote dingen verzinnen in een poging op de meest onmogelijke momenten toch die aanbeet te forceren.
Het kan veel eenvoudiger, gedachtekronkels zitten meer in de weg dan feiten. Het is ongetwijfeld geen nieuwe kijk op vliegviszaken, iedereen zit tenslotte in zijn eigen punt van z’n leercurve, zo ook ik. Het draait er uiteindelijk alleen maar om die gewenste reactie los te peuteren bij de beoogde vissoort. En dat vind ik nu juist zo interessant om me meer op toe te gaan leggen; welke dingen moet je doen om die instinctieve reflex te krijgen? De vlieg is daarbij denk ik veel minder van doorslaggevend belang. “Keep the Faith my friend…” Raak er dan ook steeds meer van overtuigd dat vertrouwen één van het belangrijkste, menselijke element is dat je visserij kan maken of breken. Neem nu die Ostrich Orange Head vlieg. Ik heb er wel een zeer goed gevoel bij, maar wanneer ik de keren optel dat ik er serieus mee heb gevist, dan is het ook logisch dat ikzelf er nog niets aan gevangen heb. Wanneer hij alles bij elkaar een uur aan de tippet heeft gehangen heb je het wel gehad en daarbij hangt het er ook nog maar van af of ik ‘m wel op de juiste manier heb gevist!
Het is ook maar de vraag of je ‘m wel op de goede manier vist… Op de momenten dat het dan even stil lijkt, knoop je al snel weer een vertrouwd patroon eraan om vervolgens weer verder te vissen en… er volgt weer een aanbeet. Zo word je natuurlijk vanzelf geconditioneerd zonder dat je het in de gaten hebt. Een moment dat het tijd wordt om eens kritisch naar je eigen manier van vissen te kijken en daarbij oorzaak en gevolg op een correcte manier aan elkaar te knopen. In het geval van zeeforel is het over het algemeen bekend dat de grootte van vliegen wel degelijk het verschil kan maken tussen kleine en grote vis. Had daar onlangs een interessante gedachtewisseling over met Bas van Dam, zeeforelvisser pur sang. Hij inspireerde me mede om vanmiddag weer eens achter de klem te gaan zitten om megapatronen te binden voor de zeeforel.
Weer terug achter de klem… Hierbij stuit je automatisch op de grove statistiek; vissen tot vijftig centimeter zijn over het algemeen vrij eenvoudig te vangen, daarboven stort de vangststatistiek al een knap eind in elkaar. En boven de zestig? Daar zakken de aantallen al helemaal naar een drastisch dieptepunt, alhoewel het geluk uiteraard aan je zijde kan staan. Je kunt het dus wel enigszins sturen, als je de bijbehorende consequenties maar aanvaardt. Die houden ondermeer in dat je veel minder actie krijgt, daar moet je gewoon tegen kunnen en het is te leren! Je moet je niet laten verleiden toch weer terug te grijpen naar de kleinere, bijna altijd vangende patronen. Je mag gerust weten, ik vind dat vaak moeilijk, eenvoudigweg omdat ik, na een paar dagen aanbeetloos te hebben doorgebracht, er niet lekkerder en dus slechter door sta te vissen.
Bijna altijd-vangende patronen… Moeilijk om de doos te laten zitten. Het is nu juist het punt waar ‘m de schoen wringt; wanneer je een doel voor ogen hebt moet je gewoon doorzetten, vertrouwen hebben en houden in de dingen die je aan het doen bent. “Keep the faith my friend, you will be rewarded…,” sprak een andere zeeforelvisser, Thomas Samuelsen, ooit tegen me uit, en hij heeft gelijk.
“Keep the faith my friend…” Thomas zei het en bewees het zelf. Accepteren Vroeger was een vaak gehoorde uitspraak in de witvisserij: “Je kunt er wel goud ingooien…” Kortom, de vis deed het gewoon niet, wat je ook deed. Het is denk ik op alle typen visserijen wel van toepassing. Soms doen ze het gewoon totaal niet, ondanks het spreekwoordelijke goud. Toen ik mijn eerste stappen in de zeeforel- en zalmvisserij zette, had ik nog de illusie dat de vis op ieder moment nog wel te verleiden viel… Kwestie van gewoon dom doorvissen dus. Ze komen vanzelf een keer, dacht ik dan. Slechts en gedeeltelijke waarheid. Het loont namelijk wel om door te gaan om er in ieder geval als eerste bij te zijn wanneer de vis wél te vangen is.
Dom doorgaan was het motto. Tevens de tijd dat we de uitspraak “De vis van duizend worpen” begrepen en nog aannamen als waarheid. Met name bij zalmvissers zie je dat ze niet domweg de hele dag staan te pompen. Velen van hen weten gewoon dat er omstandigheden zijn dat de kansen het beste liggen, en dan zijn ze er ook zeker als de kippen bij. De overige tijd doen ze andere dingen als slapen, eten, drinken en socialiseren. Op basis van ervaring accepteren ze gewoon dat de vis weinig ook wel eens niets doet en dat is dan gewoonweg zo. Mooi om te zien. Ook onderwaterbeelden van zeeforel maakten mij dit duidelijk. Je kon duidelijk zien dat scholen zeeforel zich op wat laconieke, rustige wijze voortbewogen in het zoute. Weinig aandacht voor gefriemel tussen en boven plantenbedden. Zelfs een stel voorbijzwemmende sandeels bleken dat uitstekend in de gaten te hebben en vreesden niet voor hun hachje.
Gevalletje te laat. Zo’n twintig centimeter viel ten prooi aan de hongerige, zilveren zeeforel. Er was ook een opname die toonde hoe de zeeforel wél opeens in de vreetstand kwam, een bizar aanzien. Een soort explosie van activiteit onder de waterspiegel. De beoogde prooien hadden dit ook overduidelijk in de gaten en verdwenen binnen een mum van tijd tussen de planten. Hét moment dat je je vlieg ertussen wilt hebben liggen! Voor mij tegenwoordig de reden om goed naar andere vissers te kijken en niet gelijk het water in te ploffen om maar zo snel mogelijk die vlieg nat te maken. Mag graag dan eerst even een tiental minuten zitten om vervolgens te besluiten of ik überhaupt wel het water instap. Daarnaast is het ook wel lekker als je lange dagen maakt om eens even de rug te krommen en gewoon van de omgeving te genieten. Dankzij het accepteren van het feit dat de vis het geregeld niet doet, kan ik even rusten en genieten van andere aspecten die deze vrijetijdsbesteding zo mooi maken.
Voor je in het water turen en zien hoe een krabbetje zijn weg vervolgt. Een eenvoudig, mooi iets om te zien op de momenten dat de vis het blijkbaar af laat weten. Staartbeten en haken Wanneer je bij een vis niet de absolute en directe reflex lostrekt, dan heeft hij de tijd - killing. Als hij dan ‘niet-vreten’ in de kop heeft, dan kan het moeilijk worden, zo werken dat soort dingen nu eenmaal. Nu begrijp ik ook het idioot snel binnenhalen van garnalen wat ik de Italianen enkele jaren zag doen! Zij waren er enkel op uit om de pure reflex los te peuteren; geen tijd gunnen, gewoon provoceren! Dat ging ze goed af destijds, tot vijf keer toe in een paar minuten tijd!
Of... je gaat vissen met een booby aan een drijvende lijn zoals Wimsema in 2006 deed. Na de landing van de vlieg een paar tikjes en vervolgens stil laten liggen. Twee zeeforellen vielen er toch voor en onze Deense vriend leerde daardoor dat zeeforel ook op stilliggende, droge vliegen gevangen kunnen worden. Qua staartbeten zal je zeker vraagtekens zetten bij de Ostrich Orange Head. Hij lijkt er haast garant voor te staan. Ik maak me daar niet meer zo druk om. Een staartbijter is in mijn optiek een vis die niet in de ‘vreetstand’ staat en zich dus niet zomaar vol overgave zal storten op een vlieg. Heb genoeg zeeforellen gezien die dat wél deden en waarbij de positie van de haak totaal geen rol speelde. Ook door het verhaal van Jeroen Wohe, over welzijn van vis en haken, komt er een in de praktijk beproefd verhaal boven water. Het handelt over hefboomwerking van haken en meer van dat soort bevindingen. Zeer interessant om te lezen en te begrijpen waardoor lossers ontstaan. Bij mij heeft het een hoop losgemaakt in de vraag waarom we zoveel zeeforel missen. De moeite waard om te lezen!
Andere vliegvisfilosofiestof. Ach, het is van die typische ‘zondagmiddag-vliegvisfilosofie’. Wel lekker om mee bezig te zijn zo, zeker als je naar buiten kijkt en de natuur zijn grote schoonmaak weer houdt. De schutting in de tuin heeft het er zichtbaar moeilijk mee maar lijkt zich voorlopig nog staande te houden… - terug -
|
Indien je hier een link wilt, mail ons. |
|||||||||||||