|
||||||||||||
Zomaar een halfuurtje...door Jelle Westerhuis Noord Noorwegen, zomaar een ochtend. Regen valt uit de hemel en de ramen van de auto huilen. Het ritueel van parkeren, optuigen, enzovoorts, vindt plaats. "Heb je alles?" "Yes..." De deuren gaan op slot. We wensen elkaar een goede vangst en kiezen allebei onze eigen weg richting rivier. De dubbelhandige ligt in mijn linkerhand. ‘t Kurk is zeiknat en glipt af en toe bijna weg door mijn vingers. Span de spieren zonder erbij na te denken aan en stap ondertussen gespannen, denkend aan andere dingen, stevig door. “Nog een paar honderd meter te gaan voordat ik mijn stek mag betreden,” vliegt even door mijn hoofd. Ben verwachtingsvol, voel kansen. Weet niet wat het is, maar het is er. Soms heb je van die momenten… Op de een of andere manier lijkt het gewoon in de lucht te hangen. Het weer is voor mij niet bepaald als comfortabel te betitelen. De elementen trekken tegelijkertijd iets in me naar boven: “Kom maar op…” Wandel gedecideerd verder. Het pad is grillig, amper dertig centimeter breed. Probeer omhoog te kijken om een glimp op te vangen van alle pracht om me heen. De natte val treedt ongewenst mijn kleding binnen en ik trek de capuchon nog wat verder over mijn hoofd en loop door. Voor het droge comfort ben ik veroordeeld tot het kijken naar de grond en een klein beetje erboven. Links en rechts zie ik prachtige, de meest uiteenlopende soorten paddenstoelen. Sommige hoeden zijn van hun stam verwijderd. Waarschijnlijk veroorzaakt door wild, of misschien wel door weinig opmerkzame wandelaars. “Zonde,” denk ik… en loop met nóg voorzichtigere pas door. Het is prachtig hier, alles is fris en puur. Geniet van de omgeving en laat hem zoveel mogelijk en in alle rust, op me in werken.
Verbaas me over het aantal dode muizen dat ik tegenkom. “Lijken wel spitsmuizen… Wat zou daar de oorzaak van zijn?” De regen klettert met regelmaat zachtjes op m’n capuchon en langzaam dwalen de gedachten weer af naar het doel van deze wandeling. Het is een pool waar ik samen met Wimsema al menig hartverzakkend moment heb gehad. Aanbeten leken wel in de aanbieding te zijn… Hebben er verleden jaar nog tot ver in het donker gestaan en aanbeet na aanbeet bleef maar komen... Toen het definitieve donker inviel werd het stil. Enfin, een memorabele stek. Zet mijn hengel tegen een karig bosje aan dat valkbij de enige grote steen aan de pool staat. ‘k Ga zitten en besluit even te wachten. Even om me heen kijken en de overweldigende rust op me in laten werken. Beseffen waar ik ben, wat ik kom doen en me laten pakken door de magie van die harde, maar logische omgeving. In de verste verte is geen mens te bekennen. Geen vogel te horen, geen geritsel van enig dier aan de waterkant te bekennen. Het is dood en doodstil… Behalve de rivier, die laat op betoverende manier van zich horen. Langzaamaan wordt ik gegrepen door de zachte kou. Wil eigenlijk dolgraag een run maken, bezig zijn... zeker omdat het gevoel goed is nu. M’n verstand wint en besluit eerst even de boel rustig aankijken, kijken of er enige activiteit is. “Ga een vuurtje maken man…,” loop ik mezelf te pushen. Het duurt een paar minuten en stap dan toch op. Pak wat houtgruis uit de bosjes dat is blijven steken door het hoge water. “Moet een gemakkelijke starter zijn.” Sprokkel nog ietwat groter, droog hout bij elkaar en bouw tussen enkele dikke keien een welkom vuur. Het water zoekt ondertussen haar weg langs vele stenen, krult zich eromheen. Even verderop slaat het over een stel ondiep liggende stenen en vervolgens komt de lange ondiepte. Hier komt de wildwaterbaan waarover miljoenen liters per minuut glijden. Het stromen, bruisen, kabbelen en overslaan creëert een geluid waarvan ik in een soort van trance raak.
Heb me inmiddels een beetje opgewarmd aan het godzijdank gelukte vuurtje. Waardeer het enorm en besef dat we eigenlijk totaal verwend zijn met de vanzelfsprekend warme kachel thuis. Gooi er nog een stel gesprokkelde stukken hout op. Ssssssssssst… "Nat spul kennelijk… moet even de tijd hebben om door te branden." Wacht nog even af tot het goed begint te branden, lang genoeg voor een run… Trek de hengel vanuit het karige bosje achter mij en loop tot redelijk ver boven de kop van de pool. Mijn schoenen laten de aanwezigheid van het eerste water aanhoren. Pak mijn vlieg vanuit het oog, sla hem voorover in het water en begin de lijn lengte te geven. De vlieg maakt op korte afstand zijn eerste meters… Voel me compleet één met de rivier en omgeving.
In mijn gedachten visualiseer ik wat voor me ligt; de pool en de mogelijke liggingen van de zalm. Iedere uitloop van de vlieg wordt zorgvuldig binnengehaald en opnieuw ingezet. Ben zo een klein aantal worpen verder en raak definitief bevangen door het geluid van de rivier… Ze begint te zingen en te spreken… Een heerlijke eenzaamheid overvalt me. Geroezemoes van menigten en muziek beginnen langzaam van zich te laten horen. Het wordt steeds sterker. Het geluid van de rivier zet zich klaarblijkelijk in mijn hersenen om in praten, afgewisseld door rustgevende muziek… Het schouwspel wordt met de minuut intenser. Laat het op me inwerken, geniet ervan, maar toch wel wat vreemd. Kijk dan af en toe om ook me heen… “Gebeurt dit echt?” Weerstand… een stevige. Binnen de seconde ontwaak ik vanuit de trance die de rivier me gaf. Adrenaline neemt per direct de overhand en ben de intense rust en zweem kwijt… Jazz is weg, geroezemoes ook. Ben omgegooid naar een ander toneel. Op het nieuwe toneel is er ergens opeens een rustperiode. Allebei verkeren we in complete rust. Misschien is het wel koffiepauze. Hij zwemt in de pool, ik sta op de kant, allebei genageld aan de bodem… Denk terug aan het moment dat de rivier praatte en zong… Was prettig, fijn en bezinnend. Zie uit naar het volgende moment. Op welk toneel dat dan ook moge plaatsvinden. - terug -
|
||||||||||||