|
||||||||||||||
|
Ik kan je met zekerheid zeggen dat dit één van die visserijen is die je in je leven móet hebben gedaan. Zoveel vissers die zeiden: "tja het zal wel", en vervolgens netzo verslaafd terugkwamen uit Noorwegen als ik. Het is een regelrechte aanslag op je hart als zo'n Pollak vol op je hengel dreunt en hem zo diep doorbuigt dat je werkelijk denkt dat ie zal bezwijken! Wimsema had al op Pollak gevist in Schotland en was ook helemaal verkocht. De verhalen van het vissen met zware zinktips, grove vliegen en de knalharde aanbeten, meestal in de oppervlakte of kort eronder, was wel de thrill die deze visserij zo speciaal maakte. Het is dan ook handig even een extra hengel mee te nemen, zonder gekheid! Het kon wel eens aflopen met een spontaan breukje door een net te harde dril... Enfin, ik had geen idee en liet me meevoeren de eerste keer in Noorwegen...
Het niet weten wanneer de Pollak - of misschien wel de Gul - de knal op de hengel veroorzaakt, geeft je een voortdurende adrenaline rush! Na enkele stekken te hebben geprobeerd had ik een kabeljauw van een centimeter of 80 achter mijn vlieg zien aankomen... ik was er stil van geworden maar had nog steeds niet de knal op mijn hengel gevoeld... We waren aangekomen bij een aanlegplaats voor een veerdienst. Ieder half uur meerde hier de veerboot af om het verkeer te lossen van de overkant om vervolgens weer een bult op te laden en te vertrekken. Zware motoren woelde het water om en van alles en nog wat vloog door het water. Tot onze grote verbazing zagen we volop Pollak en besloten de vliegenhengels te pakken om het eens te proberen. En tja, het duurde slechts enkele seconden en de eerste Pollak hing al. Dit was echt helemaal briljant! De één na de andere knalde op de hengel. De verslaving was al in werking getreden... Zo hebben we jaar na jaar in Noorwegen wel enkele dagen aan de veerplaatsen gestaan om een paar uur dikke pret te hebben. Met hier een daar een uitschieter ertussen stond deze manier van vissen altijd garant voor enorm dikke pret. Uitrusting Om te beginnen gebruiken we een hengel die minimaal Aftma 7 is en maximaal Aftma 9. Deze voorzie je van een Teeny 300, of een ander zwaar zinkende lijn. Als ie maar stevig snel naar beneden gaat! Hier bind je een stuk 30/100 aan met een lengte van een anderhalve meter tot maximaal 2 meter. Je kan met monofil nylon vissen maar met fluorocarbon is het beter. Houd er rekening mee dat je absoluut geen gevlochten lijn eraan moet knopen, je zult zien dat je nog geen tiende zult vangen van diegene die staat te vissen met fluorocarbon! Vliegen Qua vliegen maakt het ook allemaal niet echt veel uit. Als je maar zorgt dat de vlieg flink verzwaard is en dan het liefst met diabolo-ogen. Hierdoor ontstaat tijdens het strippen tevens een verticaal jiggende beweging die onweerstaanbaar is voor Pollak en Gul. Wat ook goed werkt is als je er ook nog eens ogen op plakt. De meeste zoutwatervissen jagen specifiek op de ogen van hun prooi. Verder kan je de vliegen wel voorzien van bucktail, hetgeen op zich prima werkt - bijvoorbeeld patronen als de clouser minnow - echter de veel dunnere en daarmee beweeglijkere streamerhaar typen zijn veel geschikter. Wat betreft de kleuren, daar ben ik totaal niet uit. Zowel rood, zwart, groen, blauw als wit werken goed. Zelfs zilver heeft zich bewezen! Ik geef zelf de voorkeur aan groene rug met witte buik met daartussenin wat grijs. Hierbij geef ik er de voorkeur aan om wat rode maraboe als kieuwtjes in te binden. Rood geeft naar mijn mening, indien bescheiden ingebonden, een extra attractie.
Zelfs zilveren varianten kunnen uitstekend werken, als ze maar zware ogen hebben! Zorg er altijd voor dat je een stuk of 20 tot 40 vliegen bij je hebt. Zeker als de grotere vissen aanwezig zijn en er boten in de buurt zijn dan wil het nog wel eens gebeuren dat er weer eentje niet te houden is en de schroef invliegt of op andere wijze je wederom een vlieg afhandig maakt. Zeker als je enkele dagen op de Pollak gaat vliegvissen is het verstandig om een bultje vliegen op zak te hebben. Nog een handige is om je vlieg in een lus te binden. Dit geeft de vlieg nog meer actie en onder veel omstandigheden meer aanbeten. Stekken Het zijn vaak de woelige plekken aan de kust waar je de Pollakken kunt vinden. Ondermeer afmeerplaatsen voor veerboten zijn perfect om te vissen en deze zijn duidelijk aangegeven op de kaart. Tevens zijn deze pieren vaak ook 's avonds goed verlicht zodat je tot laat door kan vissen en de complete actie tot aan de oppervlakte toe kan volgen. En juist in de schemer en in het donker kan je de grote jongens aan de haak krijgen! Een hele goede plaats ook is onder zalmkooien. Nu mag je niet in een cirkel van ik weet niet hoeveel meter om zo'n ding vissen maar wel dusdanig dichtbij dat je ontzettende hoeveelheden Pollak kunt treffen. Die vissen eten alle resten die de zalmen, die in de kooien huizen, naar beneden laten vallen. Dus ontlasting, voer en noem het maar op is allemaal goed om een perfect Pollak Mekka te creeeren. Echter moet je dan wel over een bootje beschikken. Maar ja, gelukkig hebben we deze niet persé nodig om toch aan de vis te komen en dat maakt deze visserij dan ook zo geweldig toegankelijk.
Een prachtige stek is onder andere de aanlegstijger bij Halsa, zo halverwege Noorwegen. De Sigaar We hebben het eens getroffen dat we dachten dat er zeeforel bij de pier zat. Overal kolkende en draaiende vis. Dat moest zeeforel zijn... Wimsema tuigde zijn negen-hengel op met een drijvende lijn en knoopte er een sigaar aan, een oort muddler. Na enkele strippen werd de sigaar al vol genomen en tot zijn grote verbazing hing er een Pollak van serieus formaat aan!!! Tot diep in het donker, onder het natriumlicht van de pier liet hij de sigaar in het water vallen, gaf een paar strippen... en ja hoor, van vele meters diep kwamen meerdere Pollakken naar boven om de sigaar vol te grazen te nemen! Wederom het bewijs dat experimenteren tot rare situaties en vindingen kan leiden. Grijpen in de oppervlakte En het bovenstaande illustreert dan ook precies het algemene moment van toeslaan door Pollak. Veelal zal je, wanneer de vlieg een meter of acht is afgezonken, merken dat je tijdens het strippen al enkele aanbeten krijgt, echter doorbijten is er nog niet bij. Pas op het moment dat de vlieg het oppervlak nadert komt de ware aanbeet! Dit is het moment waarop de Pollak de prooi dreigt te missen en uiteindelijk keihard toeslaat om vervolgens weer met een noodgang terug te duiken naar de diepte. Dit is dan ook het hele spektakel aan de visserij, het moment van aanbijten en het vertrekken van de vis weer de diepte in! Ik heb het zelfs meegemaakt dat de vlieg zelfs boven het wateroppervlak nog werd gepakt! Een centimeter of vijf boven het water vloog er nog een Pollak achteraan om toch het ding naar binnen te kunnen werken!!! Iets dat vaak gedaan wordt door kleinere vissen. De grotere vissen zullen vaak 1 tot 2 meter onder de oppervlakte pakken. Het kan echter ook gebeuren dat er binnen enkele strips al een beuk volgt. Je weet het eigenlijk nooit en dat maakt het dan ook zo waanzinnig spannend! Weersomstandigheden Gedurende de zomer is het behoorlijk vaak lekker rustig langs de kust van Noorwegen, zeker in de fjorden. Echter wanneer de herfst nadert kan het er bizar gaan spoken! We hebben er met bijna windkracht 9 gestaan en dan blijkt het Pollakken een stuk lastiger te zijn. Algemene regel is dat hoe kalmer het weer is, des te korter de vis onder de kant komt. Naarmate er meer wind staat, zakt de vis naar diepere plaatsen waar je nagenoeg, zeker met de vliegenhengel, niet meer bij kunt komen. Mocht je dit soort bizarre weersomstandigheden treffen dan kan je er beter voor kiezen om een lepel te vissen met daarboven een dropper met vlieg eraan zoals boven beschreven. Dan kan je net wat verder en dieper komen zodat je toch aan de vis kan komen. Je kan er uiteraard ook voor kiezen om gewoon lekker bij de haard te gaan zitten met een dikke borrel en wachten op beter weer, óf zorgen dat je de zalmhengel bij je hebt en op de zalm gaat. Die laatstgenoemde visserij is vaak juist super op het moment dat het weer slecht is.
Mooie en rustige weersomstandigheden zorgen vaak voor grotere vissen kort onder de kant... Het landen van de vis Dan sta je met een dikke tachtiger aan de lijn en dan? Hoe ga je hem landen? Omdat pieren bij uitstek de plaatsen zijn om op deze vissoort te vissen sta je meestal enkele meters boven de waterspiegel en wordt het landen van dikkere vissen problematisch. Je doet er dan ook goed aan om een schepnet bij je te hebben met een lange steel. We hebben enkele malen geprobeerd een vis van enkele kilos te landen, maar ja, je raadt het al, vlieg kwijt... Je kan het er tenslotte ook niet op gokken dat er een trapje in de buurt is om hem even met de hand te landen. Vaak zul je zien dat er dan wel een trapje is, maar dan weer net aan de andere kant van de pier waar je zojuist de vis gehaakt hebt... Even omlopen lukt vanwege de pijlers niet en verspelen is dan hetgeen dat vaak gebeurt. Drillen We weten allemaal wel hoe we moeten drillen alhoewel daar ook diverse gedachtengangen over zijn. Maar... zet nooit teveel kracht op de vis. Ik heb menigmaal meegemaakt dat de epoxy van de wikkelingen begon te kraken en zelfs dat de hengel het begaf, vraag maar aan Chris 'Strib' Strik, mocht je hem tegenkomen... Mocht je nou nog een vijfje hebben of een viertje, waaraan je niet meer zoveel waarde hecht en de ruimte hebt om te drillen dan is het zeker de moeite waard om deze uit te rusten met een Teeny 200 of een dergelijke lijn met zinktip en dan op de Pollak te gaan. Het liefst als er voornamelijk kleinere vissen zijn. Dan kan je echt superpret beleven. Op en top kromme hengels en schreeuwende reeltjes zullen je dag helemaal goed maken!!!
Het drillen kan er soms zo hard aan toe gaan dat je de wikkelingen goed kan horen kraken! Gul Vaak zul je zien, zeker bij langere sessies van enkele uren doorvissen, dat er regelmatig een gul op de vlieg klapt. Hartstikke leuk en naarmate je verder vist uit de kant, volgens mijn ervaringen, des te groter de kans op gul. En die afmetingen kunnen aardig oplopen! Toch kicken als je zo'n dikke gul op de vlieg krijgt! Dat bonkt erop dat wil je niet weten!!!
Ronduit een geweldige klapper tussendoor!!! Tot slot Is het over het algemeen zo dat naarmate je meer naar het noorden van Noorwegen trekt de Pollak meer voorkomt en de vis ook groter wordt. Tevens wordt de kans op Gul aanmerkelijk groter. Zo ter hoogte van Alesund begint het allemaal. Vanaf Trondheim kan je praktisch iedere aanlegplaats aandoen en je bent vrijwel gegarandeerd van Pollak en/of Gul. Dat wil niet zeggen dat je in het zuiden niet aan de bak kan. Ook in Bergen kan je best wel hier en daar Pollak vangen, enkel zijn de ervaringen zo dat hoe noordelijker je vist de kansen progressief toenemen. Succes met het plannen van de vakantie in Noorwegen, je weet nu wat je te doen staat!
Hoe noordelijker hoe beter... - terug -
|
Indien je hier een link wilt, mail ons. |
|||||||||||||