|
Ome Jaap...
"De sjansende brasemvisser"
door Theo Bakelaar
“Hey gabbertje, lekker slijmerig brasempie trekken vandaag?”
Tsja, als het zonnetje schijnt dan kun je een telefoontje verwachten van die grijs gesnorde bovenlip. Heb het dan ook niet ver mis… Tien minuten na de gedachtegang over een waarschijnlijk aankomend vispartijtje en ja hoor, ‘t kon niet missen: “Gabbertje, mot van Mien m’n benen een beetje bruinen vandaag en volgens mij kan dat alleen maar met een brasemstokkie in m’n handen, wat denk je?”
Had de koffie nog niet in de kan gedaan of de deurbel rinkelde al. Schitterend wat ik toen zag; een heerlijk ruikende penoze stond daar breed in de deuropening. Een Goddelijk mooie en spierwitte korte broek met daaronder een paar geweldige gespierde, naar buiten wijzende knieën.
Ome Jaap in vol zonornaat met knappe blouse met van die gekleurde poppetjes erop, dikke zonnebril en een laag brillantine in die gigantische witte haardos. Op de stoep voor het huis stond een bijna even oude bromfiets met een tassie met visspulletjes.
“Klaar gabbertje, we kunnen wel gaan denk ik,” gooide hij eruit voordat ik iets kon zeggen en bekomen was van die gave outfit. We zouden Brasem gaan proberen te verschalken op het zandstrandje aan een mooie plas, zo’n vroegere zandafgraving.
Zit een goed bestand aan brasem op die graag over de zandplaten heen schuift naar een hapje. Je ziet ze dan ook vaak op hun kop staan met de staart boven water. Je moet wel een beetje oppassen met de badgasten die er graag vertoeven, ’t is ook een populair zwem- en zonnestrandje.
Je raad het al wie er met de hele bende naar het strandje kon sjouwen… Zijn hengeltje stond al braaf tegen de steun te wachten tot het aas uit de koffer zou komen. Zijn klapstoel stond een metertje of twintig achter de hengel en de koffiebeker op zijn viskissie.
Ook zijn benen had ie al ingevet met van die heerlijk kokosolie en de bovenste knopies van zijn felgekleurde poppetjesblouse stonden een paar tandjes lager zodat zijn grijs behaarde borstkas wat extra zon kon pakken. Nou, hij was er klaar voor.
De plaats was tactisch gekozen, hij had namelijk al lang gezien dat die zonnebadende dames er vrij goed uitzagen. Charmeur al ie was dacht ie eigenlijk wel dat de gehele vrouwelijke bevolking uit deze omgeving toch wel een beetje verliefd op hem zou kunnen worden. Daarom leek hem deze plaats toch wel de beste.
Eindelijk ging het spul te water en nu was het wachten op de eerste reactie van de vis daar op dat zandstrandje. Nu zijn die brasems er wel aan gewend dat er van die gladgeschoren benen regelmatig hun voedingsplaatsje bewandelden, dus daar was niet de angst om dat aanbeten uit zouden blijven.
Na enkele keren de hengeltop flink te hebben zien buigen en zo’n slijmjurk weer onthaakt te hebben was het toch goed tijd voor een lekker bakkie leut. Ome Jaap vermaakte zich goed, heel goed zelfs. Hij keek vrolijk spiedend om zich heen en genoot zienderogen. Vooral als iemand zich omdraaide om de buikzijde ook wat zonlicht te gunnen. Of hij nou ook zijn hengeltoppie in de gaten hield? Nou… niet echt.
Als hij dacht dat er inderdaad wat meer aandacht naar zijn richting uitging dan liep hij wat vaker naar zijn stokkie toe om die grote aanbeet te verzilveren. Ik kan je verzekeren dat de stok nog geen millimeter was verschoven was of gebogen had, hij liep gewoon voor de show heen en weer. En mooi lopen kon ie. Als een geboren ‘catwalker’ liep hij te schuifelen over dat zandstrandje. Alsof ie een stervensduur Armani pak liep te showen.
“Hey… pssst… gabber… zag je die meid kijken naar me?” zei hij dan met zijn mooie Amsterdams accent. Hij hield volgens mij ook nog z’n adem in tijdens die hele loop naar zijn hengel toe.
De koffie ging slurpend naar binnen toe en Japie zag toch weer een duidelijke aanbeet volgens hem. Zijn bekertje werd op de zitting van het klapstoeltje geplaatst en hij zweefde lichtvoetig naar zijn hengeltje toe.
Wat hij niet gezien had was dat het bekertje omkukelde en dat de koffie over het canvas van het klapstoeltje heen liep. Een grote bruine vlek verscheen op het gekleurde doek… Oei, snel wat nieuwe koffie bijschenken voor hem.
Om de aandacht een beetje af te leiden van die mooie en grote, bruine vlek, gaf ik hem het bekertje aan met de woorden dat het toch wel een behoorlijke aanbeet was zojuist. Hij beaamde dat met driftig schuddende witte haardos en ging op zijn bruingevlekte stoeltje zitten met z’n mooie witte broekie en slurpte tevreden aan zijn bekertje koffie.
“Volgens mij gaat vooral die blonde daar met dat paarse badpakkie meer naar jou kijken Jaap,” zei ik tegen hem. Vol trots keek hij me aan en streek nog een keer extra door die gave gekrulde brillantine snor heen.
“Jaap, je hebt beet man, ik zag het!”
Hij reageerde onmiddellijk, sprong op en liep weer zoals een volleerde showman naar zijn hengel toe. Jeetje mina zeg… Een enorme grote bruine koffievlek vulde zijn gehele batterij. Zijn mooie witte korte broek had een vlek op zijn kont zitten zo groot als een enorme pannenkoek. Het leek ook gewoon of er een pannenkoek aan zijn kont hing. ’t Leek wel of dat ie een enorme natte scheet had gelaten en hij merkte er totaal niets van.
Al showend kwam hij teruggewandeld en had ongemerkt meer aandacht gekregen van de zonnebadende dames. De schuine blikken gingen allemaal naar zijn mooie bruine batterij toe.
“Pssst… gabbertje… zag je dat ze weer keken man… hahaha, sjans man… veel sjans man.”
“Jaap je doet het goed man, je hebt verrekte veel sjans man,” gaf ik hem terug en stikte zowat van het lachen.
Hij heeft veel aanbeten gehad die middag. Heb hem heel wat keren naar zijn stokkie laten banjeren met die schitterende bruine pannenkoek achter op zijn witte broek.
De meisjes hebben zich Goddelijk vermaakt die middag… Ome Jaap voelde zich weer een stevige Neanderthaler die zijn jachtkunst weer beloond heeft zien worden. En ik? Ach…, geloof dat ik nu nog de pijn in mijn keel voel van het lachen als ik terugdenk aan die heerlijke brasemmiddag met Ome Jaap samen.
Cheers, Theo
- terug -
|