|
||||||||||||
Heimweedoor Jelle Westerhuis Het is vrijdagavond. Vriendinlief is de deur uit en ik kan deze avond even gaan ‘genieten’ van wat vliegvisserij hier in de omgeving. Heb het drietje opgetuigd in de auto klaarliggen en met twee vliegendoosjes op de achterbank heb ik er wel weer even zin in. Heb een watertje in m’n hoofd zitten en rijd ernaartoe. Terwijl ik op de landweg rijd die mij naar het watertje brengt, zie ik overal grote blauwe containers. Ook mega grote pijpen liggen klaar om op enig moment de grond in gewerkt te worden, tenminste, dat denk ik. Het begint al op m’n zenuwen te werken, temeer dit altijd een plekje was waar je hooguit gestoord werd door een paar nieuwsgierige koeien en er weinig meer te zien was dan groen. Ik baal… heb hier eigenlijk helemaal geen zin in. Toch parkeer ik de auto in de berm en besluit even te kijken naar een zwaan die ogenschijnlijk comfortabel op haar nest zit. “Heeft kennelijk geen last van al die menselijke ingrepen in dit mooie gebied,” zit ik tegen mezelf te praten. “Maakt zich alleen maar zorgen om haar nieuwe lichting voor dit jaar.” “Lijkt me trouwens best lekker warm zo in een ei onder moeders prachtige en veilige verendek…” Schiet ondertussen een paar foto’s en moeder zwaan laat, door zich twee keer zo breed te maken, zien dat ze mijn aanwezigheid minder waardeert dan al die blauwe containers en mega pijpen.
Lijkt me trouwens best lekker warm zo in een ei onder moeders prachtige en veilige verendek… Stap weer de auto in om de stek te bekijken, die zo’n honderd meter verderop ligt. Geen auto te bekennen, goed nieuws. Stap de auto uit met camera om de nek en het drietje in de hand. Even een paar worpjes maken om te zien of er iets zal gebeuren. Loop over het bruggetje en zie tot mijn verbazing twee mannen staan… met hengels… Ik baal… heb hier eigenlijk helemaal geen zin in… wederom. Eén van de mannen staat nog driftig te vissen, de ander heeft zijn telescopische werphengel al in kortste toestand in zijn gigantische knuisten vast. Ik schat dat ie tenminste drie keer zo breed is als ik en zeker een ruime kop groter. Zo’n type waar je geen verkeerd woord mee wil wisselen. Besluit toch even een praatje te maken en voordat ik het in de gaten heb merk ik dat de boom van een vent een ware filosoof is en daarnaast ook een fervent wereldverbeteraar is… Wat begon met de constatering dat het water er nu niet bepaald veelbelovend uitzag, liep al snel uit op klimaatproblematiek en CO2-uitstoot van vulkanen… Pfff, ’t is vrijdagavond man, denk ik bij mezelf. Ik irriteer me wezenloos en probeer op zachtzinnige wijze weg te komen met de smoes dat ik elders wil gaan kijken. Ondertussen merk ik dat zijn maat vrolijk met shadjes en spinners staat te smijten… Wat een stel gekken zeg… ’t is gesloten tijd, de wereld wordt binnen vijf minuten even fijntjes geanalyseerd en meneer staat vrolijk op roofvis te harken… Gekker moet het niet worden. Ik denk het en durf vanwege het postuur van de beste man er niets over te zeggen. Ben veel te bang voor een onverwachte wending… Niets voor mij, niets voor een vrijdagavond. Inmiddels was ie al aangeland in Zuid-Amerika en sprak over de teelt van sojabonen… Nu is het echt tijd om te vertrekken, besefte ik. Baal als een stekker… heb hier écht helemaal geen zin in. Gooi dan ook knap geïrriteerd het drietje achterin de auto en ook de camera landt niet al te zachtzinnig op de voorstoel. Heb het echt gehad en ben niet geweldig te genieten. Half suf en kopschuddend maar weer terug naar huis. Zet de televisie aan en een of ander suf roddelprogramma begint zich op het beeld te tonen. De boxen laten horen dat er weer opzwepend en dom gekwekt wordt… Ik weet het weer: Dát is nu juist hetgeen dat ik dus niet heb gemist toen ik in Denemarken zat vorige week! Ik begrijp eindelijk waarom ik baal, niet in m’n hum zit, waarom ik in dit alles helemaal géén zin in heb! Het is weer de eerste, welbekende vrijdagavond na een Denemarkenavontuur. Daar in Denemarken staat dan wel een televisie, maar ik begrijp niet hoe ie werkt en dat wil ik ook niet weten. Wil even geen gezever en gezeur zien of horen waar ik niet om vraag. Nee. Daar in Denemarken vis je van ’s ochtends tot ’s avonds en kom je na een lange dag kapot terug in je huisje en is alles eenvoudig. Wanneer je moet hoesten ga je wel weer haast door de grond van de pijn in je onderrug, zit je na die lange dag op de bank binnen vijf minuten te knikkebollen en wil je niets liever dan je nest in… maar het is zo gezellig, en weer zie je de klok al rap met zijn wijzers voorbij de twee uur wijzen. Na enkele dagen heb je pijn in je schouders, spierpijn in je linkerarm van het strippen, ben je de helft van de tijd door en door koud, merk je iedere avond dat je broek weer nat is en dat ‘waadpak’ toch min of meer een optimistisch ding is dat niet altijd doet wat het zegt, maar dát is voor mij leven. Dat is mooi. Ik vind het fijn. Top. Super. Daar wil ik zijn… en dat wil ik meemaken. Een niet-visser zal je zeer zeker compleet idioot verklaren en vooraan in de rij staan om een taxi voor je te bellen om je vervolgens af te laten voeren naar de dichtstbijzijnde inrichting… Sommige dingen moet je dan ook niet willen uitleggen. Kan me ook best voorstellen dat dit voor de niet-vissende vakantieganger nu niet bepaald het ideaalbeeld is van het vakantievieren. Ik ga nog maar even zitten, zonder televisie aan! Pak m’n mobieltje, een biertje met sigaartje en pleeg nog een belletje naar Chris. Hij zit momenteel wéér in Denemarken. Even horen hoe het is… ik heb heimwee. “We lopen na een heerlijke dag met een prachtige zonsondergang terug naar de auto… Als je nu naar ons toekomt, dan kunnen we morgen nog een dag vissen!” zegt Chris, half hijgend en wandelend met een vliegenhengel in handen met andere vissers om ‘m heen op een plek waar ik ook zo graag zou willen zijn. Het jeukt, maar doe het niet. De heimwee zal vanzelf wegebben. - terug -
|
||||||||||||