|
||||||||||||
Moest wel weer terug...... en dan nu alleen met de vliegenlat. door Chris Strik Na het werk rap naar huis, want Egbert V. komt me om 17.00 uur ophalen om Denemarken te gaan vereren met een extra bezoekje. 14 Dagen geleden was ik terplekke in gezelschap van Bert V. en Marco B. en werd alles door mij met de Sbirulino gevangen. Ik kon de weg naar de vliegenlat gewoonweg niet vinden. Eenmaal thuis schaamde ik me dat ik niet had doorgezet. Gedane zaken nemen geen keer dus ik schikte me in mijn lot. Langzaam bekroop me toch een gevoel van onrust. Als ik nu toch had doorgezet, was het me dan gelukt om een zeeforel van goed formaat te pakken? Hou op met nadenken, doen is het recept om de honger te stillen. Ik had het geluk dat Egbert hetzelfde voelde, dus terug om onze werpbehoefte tevreden te stellen. Wil niemand vermoeien met weer een compleet verslag van die eerdere week, dit heeft Marco prima vertolkt in zijn bijdrage ‘Zeeforel 2010’. Toch wil ik jullie een paar schitterende anekdotes en woordspelingen die Koning Marco zo uitkraamde niet onthouden. Ik kom uit het oosten des lands en Marco uit het westen, dus dat is verzekerd van woordspelingen die we van ons leven nog nooit hadden gehoord. “Bie ons in Twente draait wie een sigaretje of wie rolt er ene.” En Marco? Die 'wentelt' zijn tabakjes. Als meneer weer eens een mooie zeeforel had gevangen, kon het hem niet schelen dat wij hem vertelden dat wij de meeste hadden gevangen hij had toch de dikste???
De dikste??? In het huisje was er een echte zetel voor ‘Koning Zeeforel’; een tweezitter waarop men ook prima slaapt merkte ik aan zijn stille gedrag. Hij heeft moeten afzien, dat moet ik toegeven, het was de eerste dagen zo verschrikkelijk koud. Onderweg met de auto verklapte hij dat een oude Indo niet gaat vissen onder de 8 graden Celsius. Het waren maar 2 Celsiusjes, dus foute boel voor hem. “Lijkt op werken Strikkie… wegwezen hier.” Toen de 2 miepjes geplakt aan de voorruit die hem de weg terug hebben gewezen naar zijn zetel. Eens had hij twijfels of zijn dynamo al dit zinloos gelul van die dames aan de voorruit wel zou trekken. Maandag eens bij Vejlbyskov ons geluk beproeven. Terwijl we ons een weg banen langs het water om een betere plek te vinden, ligt Marco spontaan op beide knieën in het water met zijn hoofd iets omlaag gebogen. Mijn God, hij gaat een goed gesprek aan met iemand die hem in de vis moet helpen dacht ik, maar nee hij was blijven haken met zijn schoen. Nu achteraf moet ik zeggen dat dit wel eens de voorbode kon zijn geweest voor de vangsten van hem voor de rest van de week. Woensdag mijn eerste vis. De vangst is in lengte net zo groot als de afstand tussen pink en duim als je ze dan uitspreid en wel van één hand. Egbert aan de telefoon: “Net een 60-er teruggezet!” We hebben hem verteld dat hij ons daar niet meer voor hoeft te bellen. Hij snapte de humor. Natuurlijk vinden we dit prachtig voor hem, maar we denken ook aan onszelf. Later in de avond arriveert Bert om ons te vergezellen de laatste paar dagen.
Onze Bert, de kok. We hebben hem verteld over de vele vangsten en vooral de grote vissen (die er rondzwemmen). Hij snapte direct dat een keer vaker naar de koelkast lopen niet erg was, want vissen kan altijd nog. Hele gesprekken en discussies over vliegen, vliegen en nog eens vliegen, totdat Marco over tafel komt en met de volgende slotsom op de proppen komt: “Maakt niet uit met welke vlieg je vist om niets te vangen, en als we dan al niets vangen, kunnen we deze zeeforeltrip net zo goed verleggen naar warmere oorden.” Dit is Marco ten top, deze humor en nuchterheid maakt bij ons geregeld een lachsalvo los. Donderdag - Op naar Vejlbyskov en rossen met die hengel en tot Marco’s verbazing pakt een 57cm forel zijn vliegje en wordt mooi geland. Reden 1 voor zijn titel. Mijn fotocamera kan eindelijk zijn werk doen. Een gevoel van gelukzaligheid overvalt me: “Ja het gaat lukken!” Bespeur tegelijk een koude rilling op mijn rug en kippenvel op mijn armen. Iedereen staat gelijk in de visstand.
57 cm voor de Koning. Vrijdag - Ik pak de sbirulino, loop het water in maak een lange worp en na de eerste wenteling van de molen staat met een ruk de lat strak. Bert, die naast me stond kwam gelijk met de gepaste woorden: “Moet dat nou weer Strik?” Vanbinnen lachte ik me een ongeluk. Ook na een eetpauze volgde het zelfde ritueel. Wat voel je jezelf dan rijk. Gelukkig zitten mijn waadschoenen goed vast. Al met al is er zeer goed gevangen deze dag. De totaalstand aan het eind van de dag bedroeg 21 stuks voor 3 geluksvogels. Allen waren ze tussen de 30 en 40cm met een uitschieter voor - ja alweer - Marco. Een zeeforel van 56cm, hij wist hem te pakken door te jiggen met de sbirulino. Gewoon reden 2 voor zijn Koningschap.
Alweer een mooie voor Marco. Zaterdag - Allen één vis weten te bemachtigen en natuurlijk Marco weer 2. Reden 3. Slotsom: “Het waren weer een paar mooie dagen van afzien, lachen, vissen, vangen, veel niet vangen, humor, gezelligheid, klooien, fout werpen, enz… Zoals u gelezen heeft was het niet echt super 14 dagen geleden voor Egbert en mij. Maar nu zijn we terug, en gaan volledig voor de vliegenlat. Nu is het een kwestie van doorbijten en de moed niet verliezen. Ik heb mezelf verplicht om de passie terug te vinden en de lat uit de koker te halen zodat deze het daglicht te zien krijgt. Dit keer zonder problemen in Duitsland de landsgrens met Denemarken gepasseerd. Aankomst was tegen 23.00 uur. Na het verstouwen van het eten voor de aankomende dagen was al snel het glaasje Whisky en het biertje klaargezet om even op adem te komen. Wat ons wel een paar zorgen baarde was de opzettende wind in de late avond. Woensdag - De volgende morgen even uit mijn nest om de ochtendplas te doen en tegelijkertijd raast de wind door het toiletraampje. Dit voelde niet goed, snel nog even een uurtje maffen. Egbert wekte me met de woorden: “Koffie is klaar!” Oké, tijd om op te staan en plannen te maken. Eerst bij Jesper Havshøi langs om de laatste berichten te horen en de verassing van Jelle te bekijken. Een foto van een zeeforel van 70cm prijkte op de Wall of Fame bij Jesper in de zaak. Na wat kletsen snel naar het water en Galsklint werd als eerst aangedaan. Geen schub gezien en na een uurtje klooien door naar Svinø. Hier is door mij de Hall of Fame voor mijzelf verbroken, maar dan in de kleinste die ik ooit gevangen heb. Schattingen lopen uiteen, maar ik denk 12 cm. Maar goed het ijs is gebroken en de eerste vis is binnen en jawel, óp de vliegenlat, dus je hoort mij (nog) niet klagen. Egbert bleef met wat aanbeten visloos. Nu achteraf gezien en met Jelle contact te hebben gehad, vermoeden we dat deze aanbeten van geep zijn geweest. Ondertussen is het 20.30 en tijd om aan de innerlijke mens te gaan denken. Nog even snel naar Vejlby Ved kijken, maar hier was vissen niet mogelijk. Hoge golven en troebel water de eerste 50 meter. Morgen is een nieuwe dag met mooie vis hopen we.
Hoge golven en troebel water. Donderdag - Vandaag is Kolding Fjord onze visgrond en met veel inspiratie gaan we dan ook op dit water af. De wind is slapjes en zal ons het leven niet zuur maken. Eerst ‘de tunnel’ uitkammen, maar hier gebeurt niets. Ik besluit toch een plek te pakken met het rustige windje in de rug. Een plek met veel begroeiing is mijn doel en ik weet ook al waar. Rustig op mijn gemakje de plek opgezocht en daar aangekomen zag het er wel veelbelovend uit, maar dit zegt doorgaans totaal niets. Na een worp of 7 of 8 gebeurt het: een vis breekt door het wateroppervlak, kabaal in de bovenste waterfilm en met een ruk staat de #6 snoeistrak.
Snoeistrak!!! Ik kon de vis de streamer horen pakken dus nu opgelet… dit is serieuze business. “Lijn strak, rest snel indraaien, lat strak houden, k*t… ik moet achteruitlopen om het zaakje strak te houden. Waar is Egbert? Oh daar, te ver weg, rustig blijven, en daar loopt weer 5 meter van de reel, kl*tereel is niet af te stellen, snel hand onder op de spoel, ok, nu heb ik grip op de zaak en de forel nog steeds grip op mijn streamer.” Draai weer lijn in en even later loopt dezelfde hoeveelheid er weer af door de vis. Ik fluit, maar Egbert hoort niets door het briesje. Mijn gedachten gaan uit naar een vis van formaat die mij op de Wall of Fame zou kunnen plaatsen bij Jesper Havshøi. Nog nooit heb ik met een Zeeforel zo’n strijd gehad. Na 5 minuten begint mijn pols op te spelen en pak dan ook de lat net even anders vast voor dat wat misschien nog komen gaat. Houd de lat op 45 graden ten opzichte van de vis. Wat een mens allemaal bedenkt in zulk kleine tijd is fenomenaal. Ondertussen komt hij dichterbij en na 10 minuten strakke lijn heb ik hem op het ondiepe stuk en kan hem scheppen. Snel naar de waterkant alwaar een aantal Deense scouting boys het schouwspel staan te observeren. Ik druk een van die kleine gozers de lat in de handen en hij pakt hem gris aan en voelt zich trots om mee te kunnen spelen in dit schouwspel. Ik zag het wel, die glimlach op zijn snuffel. Ik zag deze drukdoende knapen al op het topje van de lat gaan staan in mijn gedachten dus deze actie was slimmer en ik kon ze tegelijk een staaltje natuurliefde laten zien, hopende dat deze kleine hersens nog vatbaar zijn voor het genot van vis die zwemt en dan niet in de maag. Trots en buiten adem heb ik hem weer te water gelaten met 6 paar kinderlaarzen achter mijn rug. Prachtig moment, terwijl er toch een paar ogen waren die onbegrijpend naar me keken. Ik vertelde ze: “Dumn Dutchmen huh?” Met een glimlach gingen ze verder met hun gesprekjes en mij verder in rust achterlatend om even bij bewustzijn te komen. Er had een Zeeforel van 60 á 65cm in mijn netje gelegen die mij van mijn stuk wist te brengen, een gevecht tussen hem en mij. Super. Een belletje naar Jelle kan dan ook niet uitblijven. Ook hij was net zo blij. Aangekomen in huisje wil ik dolgraag weten hoe groot deze vis is geweest dus in de schuur een meetlat opgezocht en de foto bekijken. Netje nameten en mijn schatting was aardig: deze mag door voor 60 centimeter. Voel me goed en voldaan.
NA het gevecht 60cm geweld in het net. Verder is er geen vis meer uitgekomen, wel een aanbeet gemist net als Egbert. Lekker lang zitten kletsen met René en Iris. Dit zijn weer bekenden via Ruudjetuutje. Misschien morgen nog effe met ze op stap om te vissen. Een mooie uitspraak van René was: “Als je niets vangt, dan snel je pet achterstevoren op je hoofd zetten zodat de vis denkt dat je vertrekt en dan nog effen een paar worpjes maken.” Deze René had nog wel een mooie geep weten te vangen. Iris bleef ook visloos achter. Morgen moet het goed komen. Vrijdag - Zoals elke dag is Egbert al weer vroeg uit de veren en is proberen vis te vangen op Vejlby fed. Na terugkomst klonken de verhalen die hij gehoord had goed, dus mijn start van de dag zal op deze plek zijn, maar eerst een fiks ontbijtje en een ferme bak koffie. Na enige tijd met wél aanbeten, maar geen vis, wordt de rit vervolgt naar de volgende stek. Torø is de rest van de dag ons verblijf. Voor we de wandeling gaan ondernemen is het tijd voor koffie met een dopje 'Zwiegöllie', eigenlijk is dit een hint van Egbert om maar niet meer te lullen over hoe een dril aanvoelt van een zeeforel maatje 60cm, maar over wat nog kan gebeuren. Erg mooie plek, een echte aanrader om eens te gaan kijken. René en Iris waren daar al eerder dan wij en kwamen ze tegen op de looproute richting de visplek. Er waren al een koppel gepen en forellen gevangen, dus dat stemt ons goed. Ook Iris had vandaag haar eerste geep gevangen. Met volle pas door om op de plek te komen. Rest ons te melden dat inderdaad het weer was omgeslagen, zoals ons verteld was en dit bleef de rest van middag hetzelfde. Op gepaste afstand mooi weer, maar bij ons alles donker en een dik wolkenpak boven ons hoofd wat maar niet wil doorbreken. Voor ons ondanks verwoede pogingen geen vis, maar morgen komen we terug en gaan ons geluk nog eens beproeven. De rest van de tijd hebben we zitten kletsen. De terugrit werd dan ook pas om 22.00 gestart, een mooi avondrood gekleurd schouwspel achterlatend.
... een mooi avondrood gekleurd schouwspel achterlatend. Zaterdag - Zoals Egbert het wilde, lekker vroeg op. Ik werd om 8.00 uur gewekt. Rustig opstaan en even langs de winkel om proviand in te slaan voor ons allen, want ook René en Iris zullen we vandaag wel treffen. Dus worstjes en gehaktballen voor op de barbecue mee, water voor koffie, beetje zoetigheid enz. Na weer een fikse wandeling zien we ze weer staan in het zoute water op grote afstand. Ja, lopen moet je wel als je naar Torø gaat. Echter de wind gooide roet in het vissen. Hoge golven maakte het vissen praktisch onmogelijk. Nieuwe plannen werden gesmeed en ik wilde het schiereiland graag eens rondom zien dus ik vond alles prima. We zouden uitkomen op het linker deel van Torø (wij waren dus geheel rechts). Aldaar aangekomen zag René al direct dat de geep druk doende was met het paaien. Toch maar even de vlieg eroverheen en hangen die hap. Ik kan wel zeggen dat het een heel bijzonder moment was, want voor Egbert en mij was dit de eerste geep ooit, en dan ook nog op de vliegenlat.
Mijn eerste Geep ooit.
Prachtig dier. De ene na de andere geep landde tussen onze vingers en zelfs Egbert wist 2 zeeforellen tot bijten te verleiden. Superblij met toch nog Zeeforel!!
Egbert helemaal happy! Ik had al met Jesper gebeld en die meldde ons dat het ging regenen en wel de gehele middag. Nu het nog droog is snel de barbecue aan en worstjes bakken. De boel stond nog niet in de brand of de eerste spetters laten zich zien. Vier uur bikkelen voor geep met goede gevolgen en als je de lijn niet opspoelt alvorens de vis te landen, dan krijg je een zooitje van de lijn… dat wil je niet weten. Een Geep wist mijn complete lijn in elkaar te draaien en hing dus als in een hangmat van vliegenlijn aan de hengel.
René met een mooie Geep. Deze middag regende het pijpenstelen. Toch lieten we ons niet uit het veld slaan, sterker nog, we hebben gewoon koffie gemaakt op de brander en een lekker borreltje in de regen gepakt als afsluiting van de dag.
Druppels regen slaan in de hete koffie. De locals zullen wel gedacht hebben, die sporen niet (en dat klopt). Totaalstand is geëindigd op een schatting van 45 gepen en voor Egbert 2 zeeforellen met de grootste tot ongeveer 30cm. Deze keer was ik de gelukkige met een 60 cm zeeforel. Op de weg terug zag ik al de palen liggen voor de netvisserij. Allemaal netjes met het puntje naar voren. Ze liggen te wachten voor ze in de bodem worden gemept om vis te vangen.
Meppen en dan de netten. Na een goed afscheid van René en Iris zijn we onze toko gaan opzoeken om de kleding en onszelf te drogen. Morgen is het tijd om weer de terugreis te aanvaarden, maar deze keer met een heel goed gevoel. Met kracht vechtende zeeforel en geep op de lat. Ik wist het. Ik moest terug, en nu? Nu ben ik tevreden. Volgend jaar zijn diegene die niet gevangen zijn nog groter!!! - terug -
|
||||||||||||