Vliegvissen in Panama... maar dan anders

door Joost van Altena

Zojuist geland op een klein eilandje met een geasfalteerde strook die net lang genoeg was om de Fokker F-27-200 volledig te doen afremmen. De vlucht was vanuit Panama city, vroeg in de ochtend een kleine 2 uur. We vlogen over de nog ongerepte jungle van Panama wat een voortreffelijk gezicht was.

Het eilandje heet Wichub-Wala en behoort tot de eilandengroep Kuna Yala. Deze is gelegen in de Caribische zee en is één van de weinige provincies in de wereld waar de indianen volledig autonoom zijn. Ze hebben een eigen rechtssysteem en de diverse ‘chiefs’ bepalen wat er wel en niet mag.

Dit was een unieke manier om de Kuna-indianen van dichtbij mee te maken in hun dagelijkse leven. Jaarlijks laten de Kuna-indianen een klein aantal toeristen op de eilanden toe om de inbreuk op hun cultuur beperkt te houden.

Jaarlijks wordt een klein aantal toeristen toegelaten om hevige verstoring van cultuur te voorkomen.

Onze bootsman Alberto stond bij het vliegtuig klaar om ons naar het eiland te brengen. Mijn vriendin en ik verbleven twee dagen bij de familie Garcia op het eilandje Ukuputupu, een eilandje ter grootte van een basketbalveld. De familie Garcia leeft van de visserij, toerisme en de in Panama beroemde ‘molas’, handgemaakte, kleurrijke en traditionele Kuna-kleding.

Ik was me ervan bewust dat dit een unieke ervaring zou zijn waarin je tijdens je verblijf goed moet realiseren dat je te gast bent en hun cultuur voorop staat. Fotograferen van personen mag alleen met toestemming en na betaling van 1 dollar. Een terechte regel als je het mij vraagt; zo voorkom je overlast van voortdurend fotograferen en verdienen zij er ook wat aan. Nadat chief Garcia ons welkom heeft geheten op hun eiland en verteld heeft wat we zouden kunnen doen, liep hij mee naar ons verblijf dat bestond uit een hut op houten palen in de zee met enkel een bed en de klotsende zee onder ons.

Eerst even opfrissen. En dat deed je in een houten hok met twee grote tonnen met opgevangen regenwater en een plastic bakje ernaast. Heerlijk dat primitieve; hoe minder je hebt, des te eenvoudiger wordt alles. Het is net middag en de Caribische zon brandt al fel met zo’n 40 graden Celsius. We besluiten die middag naar een afgelegen eiland te gaan om lekker te snorkelen en te luieren. Alberto maakt de boot gereed en we stappen in.

Hoe minder je hebt, des te eenvoudiger

Hoe minder je hebt, des te eenvoudiger wordt alles...

Al varend zie ik Alberto een klosje nylon tevoorschijn halen, mijn vliegvis alertheid is gelijk gewekt. Aan het uiteinde van het klosje nylon zie ik een kale tube met een licht verroest dregje. Gelijk vraag ik op mijn beste Spaans: “Pescado?” “Si”, zegt Alberto. Communiceren was lastig. De Kuna-indianen spreken Kuna en Spaans en Kuna is een afgeleide van het Spaans, dat ik niet geweldig beheers.

Al varend naar het eiland trolt Alberto met zijn lure. Ik vraag hem welke vissen hij vangt op deze manier en met veel enthousiasme zegt Alberto: “Bonito, barracuda y scierra.” Wauw, dat klinkt wel heel erg goed. Op het beste Spaans vraag ik aan Alberto of we vanmiddag samen kunnen gaan vissen. “Si, tres horas?” “Si”, zeg ik volmondig, om drie uur lijkt me helemaal geweldig. Ondertussen, al varend, zien we een aantal dolfijnen en jagende bonito’s. Hoe mooi kan de natuur in zijn eenvoud zijn?

Het is 14.00 uur als Alberto ons weer van het eiland ophaalt om terug te gaan, even op te frissen en dan… vissen. Ik had mijn vliegvisspullen meegenomen; een hengel aftma 9 met verschillende lijnen en van bonefishvliegen tot imitatievisjes. Vliegvissen bleek erg lastig vanuit het bootje , dat niet meer dan een kano met buitenboordmotor was. Ik nam de hengel toch mee voor de zekerheid. Maar waarom niet zoals zij het doen? Dat leek me wel spannend.

Maar waarom niet zoals zij het doen?

Maar waarom niet zoals zij het doen?

Ik nam een klos nylon met een trekkracht van 9 kilo en we zaten met z’n vieren in het bootje. Ook de schoonzoon van chief Garcia, een vervent visser, was meegegaan. Al varend maak ik de boel gereed en knoop er een wit/blauw visje aan gemaakt van synthetische wol met opgeplakte oogjes en kieuwen van fluorescerende, roze fibers. Ik zie de mannen al kijken en denken: “Die Hollander heeft er een kunstwerkje aan hangen.”

Onderweg is het een mooi schouwspel van pelikanen die na een duikvlucht zich als een speer vanuit grote hoogte in het water laten knallen om zo de jonge scholen visjes te verorberen. Lokale vissers die met handlijnen de bonito’s proberen te vangen én de serene rust die je ervaart op het water, geeft al zo’n voldoening dat vissen een bijzaak is.

Eenmaal bij de riffen aangekomen laat ik de vlieg in het water zakken en geef zo’n 15 meter lijn mee. Al trollend varen we langs het rif met onze ogen gericht op activiteit die op het wateroppervlak zou kunnen plaatsvinden. Na de eerste trolsessie wordt de boot met een grote bocht omgedraaid om zo weer het stuk terug te varen.

Juist nu de boot een bocht maakt en de vlieg iets dieper afzinkt krijg ik een beuk van jewelste op de vlieg. Uit voorzorg had ik handschoenen zonder vingertoppen aangedaan, en dat was maar goed ook, want de vis trekt met gemak meters nylon mee. Als de vis stopt met de run kan ik wat lijn winnen en merk gelijk dat het directe contact wat je hebt met deze manier van vissen, je feilloos kunt aanvoelen wat de vis wil gaan doen.

Feilloos aan te voelen

Vissen op deze manier geeft je het feilloze gevoel van wat de vis wil gaan doen.

Na zo’n 10 minuten is de vis bij de oppervlakte en het blijkt een mooie bonito te zijn. Deze wordt vakkundig door Alberto de boot in getild. Wauw… dat is wel sport zeg. Ik geef de mannen ook een vlieg nu ze zagen hoe effectief deze was en we gaan verder met vissen. Een aantal keren waren de gehaakte vissen zo groot dat ze niet binnen te halen waren of beten - met name de barracuda’s - de lijn door. we weten die middag een twintigtal vissen te vangen variërend van bonito’s, scierra’s (Spanish mackerel) tot kleine trevally’s.

Het meest leuke van de trip was dat, ondanks de cultuurverschillen en communicatiebarrière, maar met een gedeelde interesse, we elkaar door middel van handen en voeten konden duidelijk maken wat we bedoelden en doordat de situatie het niet toeliet te vliegvissen, je op een creatieve manier met vlieg en een klosje nylon net zoveel plezier kon delen en beleven.

Op een creatieve manier

Op een creatieve manier met vlieg en een klosje nylon zoveel plezier delen en beleven.

‘s Avonds hebben we heerlijk genoten van de klaargemaakte bonito en knikte de chief tevreden naar me, want door de vangst was hij deze week verzekerd van vis bij het eten.

Alle vliegen heb ik aan Alberto gegeven zodat hij een voorraadje had, want één ding was zeker: de omliggende eilandjes moesten weten hoe goed de vliegen vingen en onderling zaten ze te strijden wie mij de volgende dag zou meenemen om het nog een keer te proberen…

Joost

- terug -

FlyFever.com - VliegenFlyFever.com - Foto´sFlyFever.com - VerhalenFlyFever.com - Extra´sFlyFever.com - Contact
Copyright FlyFever - niets van deze site mag worden overgenomen in welke zin dan ook zonder uitdrukkelijke toestemming van de auteur.