|
||||||||||||
Schotland uit de Middeleeuwen?door Theo Bakelaar Uit de oude doos geplukt, onderuit het kleinste laatje van de hersenstam: het ‘Schotland-perikelen-laatje’. Een stoffig oud laatje met vreemd sleutelgat. Nieuwe, andere technieken, alles gaat kleiner, minder opslag nodig in je huis, waar gaan we beginnen? De dia’s dus… Grote, zwarte boxen… volgeladen met lange rijen zwart-witte raampjes met van die kleurige plaatjes erin. Visplaatjes dus… Plaatjes van toen, plaatjes die niet meer gedraaid worden. Plaatjes met vissen erop ergens een heel eind hier vandaan. Visreisjes dus… Jeetje, eigenlijk toch wel gaaf… En alle herinneringen komen weer naar boven als de dag van gisteren. Tijdens het scannen kom ik een slede tegen met plaatjes van een tripje naar Schotland; kennismaking met van die heerlijke, dikke regenbogen uit een enorm waterreservoir, én de eerste ervaring met die Schotse wilde zalm. Op een meertje rondzwerven met een roeibootje met blauwe bodem… op wilde bruine forel jagen. ’s Nachts op de zeeforel in een mooie rivier. Als ze gescand zijn gaat onmiddellijk de pen op het papier en begin te schrijven… misschien wel te lang en teveel… nou ja… zet die p.c. dan maar uit en lees niet verder. ‘t Was ergens achter in de jaren tachtig meen ik, ergens in de maand augustus. Een maand waarin we minder geluk hadden met het weertje hier in dit landje. Regenachtig dus, al dagenlang mooi niets. Het recept van moeders, van die altijd overheerlijk snert met blokjes aardappel, spek en zo’n grote kluif erin, was twee dagen daarvoor al opgesnord en zat al in de pan. De houten lepel stond in het midden en bleef al mooi rechtop staan. Soep goed dus, zo is ie ‘t lekkerst. Terwijl we nog in gebogen houding zaten van het gebed achter dat grote, groene bord met heerlijk snert, rinkelde de telefoon… - "Met de bijna soep etende man, goedemiddag.” Twee dagen later werd ik naar Schiphol gebracht, de reis kon beginnen, op naar die dikke regenbogen. De bank zou de slaapplek worden voor 10 dagen, helemaal niet erg toch?! Na een korte vlucht van een anderhalf uurtje - de piloot wist Edinburgh te vinden en zette dat ding goed aan de grond - snel de bagage ophalen en naar buiten, waar inderdaad de auto stond te wachten met een zwaar glunderende Toy. Dikke verhalen en moest thuis maar eens kijken wat daar al lag te wachten achter het huis. Nou, dat klonk allemaal veelbelovend. Kon bijna niet wachten tot we er waren. Binnen een half uurtje reden we een typisch Schots dorpje binnen... ... met zo’n typisch Schots kerkje met vier van die torentjes erop. De simpelheid en oudheid straalde hier overal vanaf… geweldig, gaaf gezicht. Hier werden waarschijnlijk die bloederige, met knotsen bewapende oorlogen uitgevochten tussen de Engelsen en Schotten. ‘Braveheart’ kwam onmiddellijk boven. Zou die hier ook rondgereden hebben?! Na de kennismaking moest ik direct mee naar de tuin achter het huisje… En jawel hoor… trots werd een dikke regenboog omhoog gehouden. “Is toch wel een pondje of 4 á 5, denk je niet?” Vol trots vertelde hij dat er nog meer lagen in het schuurtje. Jeetje, dikke Joep van een vis zeg, en dat op nog geen half uurtje tuffen. Begon duidelijk wat kriebelgevoelens te krijgen. Dacht dat ik al een beetje stiekem een rolworpje stond te draaien met de 6-stok die nog vet ingepakt zat in de bagage. “Kom op joh, eerst een bak koffie en dan even naar die bossage toe hier achter de tuin, daar stroomt een schitterende rivier man, effe kijken man.” "Daar stroomt een schitterende rivier man, effe kijken man.” Inderdaad, na een tweetal minuten stond ik aan een schitterende rivier met zo’n oude, mooie, uit stenen opgetrokken brug. Het water kwam via een soort waterval van een metertje of vier naar beneden. We schoten wat plaatjes en plotseling klapte er een zalm uit het kleine pooltje voor die waterval. Plotseling klapte er een zalm uit het kleine pooltje voor die waterval... “Shit man, hier zit nog zalm ook man!”, brulde ik naar Toy. Met de regelmaat van een goed geoliede Zwitserse hangklok knalde een zalm naar boven om op te trekken naar de paaigronden… ergens, God weet waar. Het lukte om er enkele platen van te schieten en velen moesten de aanloop toch wel meerdere keertjes nemen. Mooi gezicht hoe ze de sprong niet haalden en even snel weer terug vielen in die pool. Af en toe schoot er eentje rechtsaf en belandde op het stenen dammetje waarna hij met flink spartelen toch weer het ruime sop in spetterde. De op de muur geverfde tekst vertelde ons snel dat we hier dus niet mochten vissen. Vroeg me af of die dorpbewoners hier niet af en toe met een schepnet zaten om die zalmen met mislukte sprongen van de stenen muur af te grissen die daar een paar tellen lagen te spartelen. ‘t Zou me niets verbazen. De op de muur geverfde tekst vertelde ons snel dat we hier dus niet mochten vissen. “Op nu naar de local Pub om een pot bier te halen. Daarna langs de Chinees voor een lekkere hap, ennuh… we brengen gelijk die paar vette regenbogen naar hem toe… hoeven we niet te betalen voor die hap… gewoon ruilen dus.” Zo gaat dat vaak hier, begreep ik van hem. Goede deal, toch?! Inderdaad, uit de gebrekkige woorden van die kleine man met half dicht geknepen ogen zonder oogwimpers, begrepen we dat er voor 4 personen besteld mocht worden zonder af te rekenen. Dikke grote hap mee naar huis, voldoende voor 6 personen volgens mij, alleen het bekende “Sambal bij?” miste ik. Hoe die man zijn zaakje open kon houden in het land van Fish and Chips snap ik nog niet. Volgende morgen vroeg op. Slapen viel toch een beetje tegen op die bank. Er stonden een paar van die schitterende afdrukken in mijn rug van wat lastige, stalen veren die het nodig vonden om door de bekleding heen te komen. Was niet heel erg hoor, want Toy wilde er ook zo snel mogelijk vandoor. North Third Reservoir, het meer dat vandaag bestookt zou gaan worden; een giga reservoir dat we hier in de Lage Landen helaas missen. Een schitterende watervoorraad waar monsters rondzwommen. Voor een pond of 10 werd de koop gesloten om de gehele dag te kunnen vissen. North Third Reservoir, het meer dat vandaag bestookt zou gaan worden. Het duurde dan ook niet lang of de eerste vis meldde zich; Toy stond een geruime tijd met een kromme hengel op de punt van een blokkendammetje. Volgens mij wist hij precies dat daar de vissen langskwamen. Toy stond een geruime tijd met een kromme hengel op de punt van een blokkendammetje. Niet veel later tilde hij de zoveelste dikke vis uit het water en riep: “Vanavond wordt het Tjap Tjoy happen bij die Chinees!” Inderdaad, hij had niet overdreven. Die vissen waren inderdaad kort en stevig rond, schat toch wel een pondje of 4 vis. Alles wat je vangt wordt geacht dat je dat meeneemt naar huis, dus… in de tas die vis en voor Pietje Mihoen. Ita dakimas dus (eet smakelijk). “Vanavond wordt het Tjap Tjoy happen bij die Chinees!” Hengel was een stevige aftma 6 en dito lijn. Een enkele vlieg was voldoende. Meestal een soort Blue Zulu of Black Zulu. Een loodhageltje een centimeter of 30 voor de vlieg gaf hem een mooie actie in dat toch wel donkere water. Strip en laten vallen die vlieg, strip en laten vallen, strip en la… KNAL! Het leek wel Hare Majesteit de Amsterdam die met je vlieg vertrok. Niet veel later was het zijn beurt om een paar kiekjes te maken. Een zwaar buigende hengel en kreunende reel gaven aan dat er iets leuks op komst was. Strip en laten vallen die vlieg, strip en laten vallen, strip en la… KNAL! Een vet monster volgens mij en toch veiliger om het even zo te doen met een netje. Veiliger met een netje. Wauw… Ook zo’n kort dik monstertje meldde zich na enkele minuten, net erbij en hoppaaa… verse vis voor de Tjap Tjoy again. En hoppaaa… verse vis voor de Tjap Tjoy again. Toch wel wilde rakkers die je een poosje bezighielden. Denk dat ie 4 gram lichter was dan die van hem. Nou ja, dan vis ik de groente bij de hap voor vanavond of het toetje. Aan het einde van de dag bleek dat er wel een heel weeshuis kon eten van al die vis die geland was. Gewoon in twee keer inleveren dan maar bij de China-man. Ach toch weer een keer leuk om zo’n dag mee te maken op zo’n echt Schots reservoir, lekker om weer een aantal keren met een zwaar kreunende hengel te staan. Ja toch?! “Kom op man naar huis, een vette pot bier en dan naar de kroeg, gaan we vanavond Karaoke doen, vindt de vrouw leuk, die gaat altijd lekker meemekkeren… mooi man, mot je meemaken, is lachen man!” Was ik hiervoor niet achter mijn overheerlijke bord met snert vandaan gekomen om dit allemaal mee te maken? Trouwens, als ik weer thuis zou komen, zou er dan nog soep over zijn, en goed zijn? Of zouden de schimmeltjes en paddenstoeltje al in die pan staan? Eigenlijk wel jammer… heb toch als ik heel eerlijk moet zijn een paar keer aan die pan met erwtensoep gedacht. Hmmm. Toch die “Sambal bij?” man was ook niet slecht. Nog maar even hier blijven dan!!! Cheers, Theo P.s. Volgend verslag gaat over wilde bruine forel en de eerste zalm in dat mooie land. En trouwens, ook nog een paar zeeforelletjes ’s nachts… - terug -
|
||||||||||||